Tutorleren

Het systeem waar ik op doel is het tutorbegeleidingssyteem.

Het basisprincipe van tutorbegeleiding is dat je als leerkracht niet meer de spilrol inneemt maar meer begeleider bent. Er is een groot potentieel aan werkkrachten in de school die we niet gebruiken: dat zijn de leerlingen. Dit gebeurt in veel gevallen al op een spontane ongedwongen manier. Leerlingen laten samenwerken in tweetallen of in groepjes.

Er bestaat ook de mogelijkheid dit systematisch te doen. Met leerdoelen en afgebakende leerstof.

Deze manier van begeleiden geeft veel mogelijkheden om zorg op maat te bieden. Je kunt dan spreken van adaptief onderwijs: het onderwijs wordt qua leertempo en wijze van aanbieding afgestemd op het niveau en de instructiebehoefte van de leerling.

In Engelstalige landen wordt dit tutorbegeleiding genoemd. Dit betekent zo ongeveer het volgende: het is een begeleidingssysteem, waarin de tutor de persoon is die begeleiding geeft aan een medeleerling.

Er zijn drie soorten tutorbegeleiding:
-groepsgebonden (same-age)
-groepsdoorbrekend (cross-age)
-schooldoorbrekend.

De begeleiding kan in of buiten de klas plaatsvinden. Het gaat nu om een praktijkvoorbeeld van tutorbegeleiding die groepsdoorbrekend is.
Het begeleidingssysteem zelf is al eeuwen oud. Het woord tutor is in ons land vrij nieuw maar in Amerika ingeburgerd.
In de oudheid komt het woord tutela voor. Dat was een persoon die zich ontfermde over een wees en belast was met onderwijs en opvoeding van die persoon.
In Amerika komt men in de 18e eeuw het woord peer-tutors tegen en die term is daar nog in gebruik. Er werd in die tijd veel prive-onderwijs gegeven door tutors.
In de tweede helft van de 19e eeuw verschuift de betekenis van het woord iets. De tutor is nu een leeftijdsgenoot die zijn leerling onderwijst in de basisvaardigheden.
Na het invoeren van de leerplicht neemt deze vorm van onderwijs sterk af. De rol van lesgeven wordt door de scholen overgenomen. In Amerika en Engeland wordt het tutorsysteem gehanteerd in het voortgezet en universitair onderwijs.

In Nederland komt een vorm in opmars die er wel op lijkt, dat is samenwerkend leren. Een verschil met tutorbegeleiding is dat hierbij de leerlingen een gelijkwaardige rol hebben met een gelijke taakverdeling. Bij tutorbegeleiding is de taakverdeling juist verschillend. De tutor heeft de leidende rol. (De tutor oefent ongemerkt ook vaardigheden, maar dat valt niet op) Het eerste doel bij tutorbegeleiding is: een leerdoel. Samenwerking en sociale omgang staan wel centraal, maar zijn middel tot het verbeteren van de leerprestaties. Bij samenwerkend leren zijn samenwerken en sociaal gedrag doel op zich.
Een tutor is dus een medeleerling die een andere leerling instructie geeft of begeleidt. Dat kan een leerling niet zomaar, een tutor moet tutorgedrag aangeleerd worden. Een aantal zaken die hij/zij moet leren:
* het geven van positieve respons
* feedback geven
* respect tonen
* de ander stimuleren
* complimenten geven
* taakgerichtheid 

Uit een Amerikaans onderzoek is gebleken dat de prestaties van leerlingen vooruit gaat. Niet alleen van de leerlingen die geholpen worden, maar juist ook van de tutors.
In Nederland is deze werkvorm opnieuw geïntroduceerd door Agnes Vosse, orthopedagoge verbonden aan de Hogeschool Midden Nederland te Utrecht.
Via haar doctoraalscriptie ben ik op het idee gekomen te experimenteren met deze werkvorm. 

Het is heel goed mogelijk het peil van technisch lezen op een hoger plan te brengen met behulp van dit systeem.

Bijlagen:


> Terug naar het BAS model